Vasculaire malformaties, met name couperose, beenvaatjes en rosacea, zijn na ontharen waarschijnlijk de meest uitgevoerde laserbehandelingen. Dermale vaatafwijkingen hebben een aantal eigenschappen waar men met de keuze van de laser rekening mee dient te houden:

  • De diameter kan variëren van bijna onzichtbaar dun tot enkele mm dik. De dikkere vaatjes vindt men op de benen, in het gezicht zijn ze veelal dunner.
  • De kleur van een vaatje wordt bepaald door het zuurstofgehalte van het bloed. Hoe rijker het bloed is aan oxyhemoglobine, hoe roder het vaatje. Hoe meer methemoglobine, hoe blauwer het vaatje.
  • De diepte is afhankelijk van soort vat en locatie. In de regel kan men stellen dat de vaten op de benen dieper liggen dan de vaten in het gezicht en dat de blauwere dieper liggen dan de rode. Daarbij moet men ook rekening houden met de diameter van een vat. Van een dikker vat ligt de onderkant dieper.

De meest gebruikte lasers voor de behandeling van vaatjes zijn Nd:YAG (1064nm), PDL (585nm) en KTP (532nm). In bepaalde gevallen kan men ook IPL met een geschikt filter gebruiken.

Golflengtes
Nd:YAG is het werkpaard onder de dermatologische lasers en is ook zeer geschikt voor vasculaire toepassingen. Nd:YAG is in de regel zeer krachtig en wordt goed door met name methemoglobine geabsorbeerd. De absorptie in oxyhemoglobine is minder goed, maar dat wordt gemakkelijk gecompenseerd door de hoge fluences die met Nd:YAG mogelijk zijn. Nd:YAG is de enige laser die effect heeft op blauwe beenvaatjes. Daarbij is een relatief grote spotdiameter belangrijk om voldoende diep te komen.

PDL is de gouden standaard voor wijnvlekken. De golflengte van PDL wordt goed door de zowel oxy- als methemoglobine geabsorbeerd. Daarbij kan een PDL met relatief grote spotdiameter werken. Nadeel van PDL is de complexe techniek die veel onderhoud vergt.

KTP wordt zeer goed door oxyhemoglobine geabsorbeerd. Het voordeel is dat men met heel lage fluences rode vaatje prima kan laseren. KTP wordt gemaakt door een kristal dat de golflengte van Nd:YAG halveert. Dat maakt KTP een relatief voordelige uitbreiding op een Nd:YAG laser. Nadeel van KTP is dat men met relatief kleine spotdiameters moet werken. Een tweede probleem kan zijn dat KTP, maar ook PDL, zeer goed door pigment wordt geabsorbeerd waardoor men goed moet opletten bij een gebronsde huid. Door de korte golflengte dringt KTP niet diep door in de huid en is daardoor niet effectief op beenvaatjes. Bij dikkere vaatjes heeft men bovendien het probleem dat door de uitstekende absorptie het bovengelegen bloed alle energie absorbeert en coaguleert waardoor de onderste deel niet behandeld wordt.

IPL heeft niet een bepaalde golflengte en is daardoor niet erg specifiek gericht op een bepaald chromofoor. Daarbij wordt IPL via een groot quartz blok op de huid geplaatst hetgeen met name in het gezicht, onhandig is. Daarbij wordt door de gebrekkige selectiviteit en het grote oppervlak heel veel onrendabele energie in de huid gebracht hetgeen de kans op complicaties verhoogt. Waar IPL wel heel geschikt voor is, zijn de heel dunne vaatjes en diffuse roodheid. De dunne vaatjes hebben niet veel energie nodig om te coaguleren en zitten dicht op elkaar op een groter oppervlak.

Pulsduur
Naast de specifieke eigenschappen van bepaalde golflengtes is het van belang dat de gebruikte laser een voldoende breed pulsduur bereik heeft om zo optimaal mogelijk gebruik te maken van het verschil in thermale relaxatie tijd van de verschillende diameter vaatjes en de huid. Dunne vaatjes vragen een korte pulsduur om effectief behandeld te worden. Dikke vaatjes kunnen openklappen wanneer ze met een te korte pulsduur behandeld worden en vragen dus een langere pulsduur. Een bereik van 10 tot 50 milliseconden is minimaal vereist.

Spotdiameters
Een andere eigenschap is de spotdiameter. De fluence (J/cm2) neemt bij gelijk laservermogen kwadratisch af met de spotdiameter. Met andere woorden, bij gelijke fluence heeft een 6 mm spot 9 keer zoveel laserenergie nodig als een 2 mm spot. Door de scattering in de huid van jet laserlicht zijn grotere spotdiameters nodig om dieper gelegen vaatjes te kunnen behandelen.

Multiplex
Er is een aantal lasers in de markt die in staat zijn 2 pulsen met een verschillende golflengte zeer kort op elkaar te pulsen. Dit is ondermeer het geval bij de Cynosure Cynergy die PDL en Nd:YAG in één laser te combineert. Naast de mogelijkheid om PDL en Nd:YAG afzonderlijk te gebruiken kan men een PDL puls laten opvolgen door een Nd:YAG puls. De PDL puls zet de oxyhemoglobine in methemoglobine. De daaropvolgende Nd:YAG pulse wordt nu veel beter geabsorbeerd en kan met minder fluence zijn werk doen. Deze techniek combineert de voordelen van PDL en Nd:YAG en elimineert tegelijk de nadelen.

Conclusie
Nd:YAG heeft het breedste inzetbereik en is bovendien een van de meest robuuste lasers. Een Nd:YAG moet de basis zijn van een vasculaire laser behandel set. Daarnaast kan men uitbreiden met KTP, PDL of IPL waarbij men goed moet kijken welke indicaties men precies wil behandelen. Voor wijnvlekken is PDL onontbeerlijk, rode vaatjes (couperose) gaan zeer goed met KTP en voor meer diffuse roodheid (rosacea) is IPL geschikt. Daarnaast kan men kijken wat de meerwaarde van KTP dan wel IPL is voor andere indicaties zoals pigmentatie of bijv. acne.